De kom van het schoudergewricht is niet echt een kom, maar een
botdeel met een vrij vlak oppervlak. Doordat de kop van de bovenarm
groter is dan de kom van het schouderblad, kan er instabiliteit
ontstaan. Hierdoor kan de schouder uit de kom raken of ontwrichten
waardoor de kraakbeenrand kan losscheuren. Dit losscheuren van de
kraakbeenrand kan weer gepaard gaan met botverlies van de kom en/of
een beschadiging van de kop. Als dit het geval is, en als
spierversterkende oefeningen onder begeleiding van een
fysiotherapeut onvoldoende of geen effect hebben, is een
schouderoperatie mogelijk.
Wanneer naast het afscheuren van de banden en kapsel ook
een ernstige beschadiging van het kommetje is, wordt een zogenaamde
Latarjet-procedure uitgevoerd. Voor deze operatie is een opname van
1 nacht nodig.
Bij de operatie wordt een botblokje (coracoid) met bijbehorende
pezen afgezaagd. Vervolgens verplaatst de orthopedisch chirurg dit
naar de voorrand van de schouderkom. De operatie duurt 60 tot 90
minuten.
De eerste 6 weken na de operatie kunnen de schouder en arm
alleen licht belast worden. In deze 6 weken is 's nachts een sling
(soort mitella) nodig, om te voorkomen dat de arm tijdens de slaap
per ongeluk te ver naar buiten draait.
Hou rekening met een herstelperiode van 4 tot 6 maanden.