Operatie aan de voet (onderste spronggewricht artrodese)

Artrodese betekent het vastzetten van een gewricht. De beschadigde gewrichtsvlakken en het resterende kraakbeen worden weggenomen en de botuiteinden worden aan elkaar vastgezet met behulp van schroeven.

Door het vastzetten van het onderste spronggewricht groeien het sprongbeen en het hielbeen aan elkaar vast. Het gevolg is dat de beweeglijkheid van het gewricht wordt beperkt. Meestal is deze beweeglijkheid vóór de operatie al beperkt door de beschadigde gewrichtsvlakken.

De meest voorkomende reden voor een onderste spronggewricht artrodese is pijn in het gewricht, al dan niet met een bewegingsbeperking.

De orthopeed maakt een huidsnede van ongeveer 7 cm aan de buitenzijkant van de voet. Hij ruimt het kraakbeen van het onderste spronggewricht uit, en plaatst dan ter fixatie (versteviging) 1 of 2 schroeven vanuit de hiel naar het sprongbeen (de talus).

De operatie duurt ongeveer 60 minuten.

Omdat de boteinden aan elkaar moeten groeien, mag na de operatie gedurende 4 weken niet op het geopereerde been worden gestaan. Na die 4 weken gaat er voor nog 4 weken loopgips om het been.

deel deze pagina

Contact

Orthopedie Enkel/voet 
Locatie Leyweg

Telefoon(070) 210 6398

Locatie Sportlaan

Telefoon(070) 210 6398

image_3006Meer informatie