Het medisch maatschappelijk werk begeleidt en behandelt de
patiënt en/of zijn omgeving bij psychosociale en emotionele
problemen, die samenhangen met de ziekte en de medische behandeling
en alle daaruit voortvloeiende veranderingen.
De hulpverlening is gericht op het bevorderen van een zo
optimaal mogelijk functioneren van mensen die door ziekte of als
gevolg van een ongeval tijdelijk of blijvend afhankelijk zijn van
medische zorg.
De hulpverlening vindt plaats op verwijzing door arts of
verpleegkundige of op verzoek van patiënt en/of zijn omgeving.
De medisch maatschappelijk werker werkt nauw samen met artsen,
verpleegkundigen en andere hulpverleners binnen en buiten het
ziekenhuis.
Hoofdtaken
De hoofdtaken van het medisch maatschappelijk werk zijn:
- Onderzoek doen naar psychosociale factoren en maatschappelijke
omstandigheden van de patiënt, die het persoonlijk functioneren en
het genezingsproces (kunnen) beïnvloeden.
- Het opstellen van een behandelingsplan en/of
hulpverleningsplan.
- Het geven van behandeling/begeleiding aan patiënten gericht op
het oplossen van problemen, dan wel het omgaan met problemen of
eventueel een nieuwe situatie.
- Het behandelen/begeleiden bij een crisis, verlieservaring, rouw
en (complexe) sociale situaties.
- In overleg met de directe relaties bepalen welke voorzieningen
nodig zijn om het persoonlijk functioneren zo optimaal mogelijk te
laten zijn.
- Het bevorderen van het psychosociale klimaat in het
ziekenhuis.
- Het signaleren van en adviseren bij knelpunten, aan zowel
hulpverleners als patiënten (en hun omgeving).