HIV

Een HIV infectie wordt veroorzaakt door het human immunodeficiëncy virus (HIV).
Er zijn twee belangrijke manieren waarop het virus de ziekte veroorzaakt:

  • Het virus valt de zogenoemde CD4-positieve T lymfocyten (CD4 cellen) aan, die hierdoor in aantal afnemen. CD4 cellen zijn verantwoordelijk voor de weerstand tegen bepaalde infecties. Op deze manier veroorzaakt HIV een afweerstoornis. Hierdoor kan het lichaam zich niet meer goed tegen infecties beschermen. 
  • Het virus zelf kan verschillende organen aantasten.

Hoe ontstaat HIV?

Een HIV infectie kan worden overgedragen door een persoon die zelf een HIV infectie heeft. Het virus bevindt zich vooral in het bloed, sperma en voorvocht, vaginaal vocht en in de moedermelk. Zweet, urine en ontlasting bevatten het virus niet, tenzij er bloed bij zit. Meestal wordt de infectie opgelopen via een seksueel contact.

Wat zijn de klachten?

Nadat het HIV het menselijk lichaam binnendringt, duurt het 1 tot 3 weken totdat de klachten ontstaan. De klachten lijken op een zware griep:

  • Hoge koorts (meestal langer dan 3 dagen)
  • Hoofdpijn (achter de ogen)
  • Keelpijn
  • Spierpijn
  • Diarree
  • Huiduitslag
  • Opgezette klieren

Bij sommige mensen is maar een deel van deze klachten aanwezig en anderen ervaren helemaal geen verschijnselen.
In deze vroege fase van infectie is er heel veel virus in het lichaam aanwezig.
De meeste patiënten herstellen snel van deze acute periode en hebben hierna gedurende een aantal jaren geen klachten. Soms is er sprake van vermoeidheid, gewichtsverlies, nachtzweten, of kunnen de lymfklieren vergroot blijven.

Wat is het verloop van de ziekte?

Na de acute periode komt de infectie meestal 'tot rust', dat wil zeggen dat de klachten verdwijnen. Het virus blijft in het lichaam aanwezig. In deze periode gaat de aantasting van de CD4 cellen door. De snelheid van de afname van het aantal CD4 cellen is niet bij alle patiënten gelijk.

Opportunistische infecties

Als het aantal van de CD4 cellen flink is afgenomen en onder de 200/mm3 komt, dan kan het lichaam zich niet meer goed tegen de bepaalde infecties beschermen. Het gaat om de infecties met de ziekteverwekkers waar mensen met een normale weerstand geen last van hebben. Deze worden ook opportunistische infecties genoemd. Enkele vaker voorkomende voorbeelden zijn:

  • Longontsteking (pneumocystis pneumonie)
  • Hersenontsteking (toxoplasma encephalitis)
  • Hersenvliesontsteking (cryptococcen meningitis)
  • Slokdarmontsteking (candida oesophagitis)


Ook kunnen er tumoren ontstaan zoals de lymfomen (lymfklierkanker) of een Kaposi sarcoom (een tumor van de huid).

Contact

Hiv-behandelcentrum 
Locatie Leyweg