Steroïd injectie bij Carpaal Tunnel Syndroom

Tegenwoordig is een eenvoudige behandeling van het Carpaal Tunnel Syndroom (CTS) het geven van een injectie met medicijnen in de omgeving van de carpale tunnel.

Hierbij krijgt de patiënt via een dunne naald medicijnen geïnjecteerd aan de binnenzijde van de pols. Deze injectie bestaat uit prednison en een plaatselijk verdovend middel zodat de injectie weinig of niet pijnlijk is. Wél kan na de injectie kort gevoelloosheid van de hand en vingers optreden.

Na de injectie wordt de pols kortdurend gemasseerd om te zorgen dat er zoveel mogelijk medicijn doorvloeit naar de carpale tunnel.