Lumbaalpunctie (onderzoek hersenvocht)

Een lumbaalpunctie dient om de samenstelling van het hersenvocht en de druk in het hoofd te onderzoeken.

Het hersenvocht bevindt zich rondom de hersenen en het ruggenmerg. Het vocht, een heldere vloeistof, heeft als functie de hersenen te beschermen. Neurologische ziekten kunnen afwijkingen van de samenstelling van het hersenvocht tot gevolg hebben. Daarnaast kan een stoornis in de circulatie van dit vocht leiden tot een verhoogde hersendruk. Een lumbaalpunctie kan informatie geven over eventuele afwijkingen.

Hersenvocht

Meestal wordt het onderzoek in zijligging uitgevoerd. Hierbij wordt met een dunne naald tussen twee lendenwervels in een holte, de zogenaamde lumbaalzak, geprikt. Deze holte is gevuld met hersenvocht (liquor) waarvan enkele buisjes via de naald wordt afgenomen. Eventueel vindt nog een meting van de druk plaats, door een meetsysteem aan de naald te bevestigen.

Het ontspannen van de rugspieren tijdens de ruggenprik is erg belangrijk, om zo de prik met zo min mogelijk pijn gepaard te laten gaan.

Bij een diagnostische lumbaalpunctie (ruggenprik) wordt, in tegenstelling tot bij een ruggenprik voor een operatie, geen narcosemiddel ingespoten.

Gerelateerde specialismen