Leven in gesprek met dood: eigenlijk hebben ze heel veel gemeen

The Optimist: Leven in gesprek met dood

Ik ontmoet Jenike Eita en Mireille van der Zwan in het Haga Juliana Geboortecentrum. Een mooie plek om het te hebben over de vreugde van nieuw leven en - onlosmakelijk met elkaar verbonden - de dood. Voor Van der Zwan een thuiswedstrijd. Als gespecialiseerd verpleegkundige obstetrie werkzaam in het geboortecentrum. Jenike Eita werkt even verderop in de stad, als gespecialiseerd verpleegkundige palliatieve zorg bij hospice WZH Waterhof. Hun werkgebieden staan lijnrecht tegenover elkaar. Waar Van der Zwan zich bezighoudt met geboorte, zorgt Eita voor mensen in hun laatste levensfase.

Door: Laura Boeters

We komen en we gaan. Op welke wijze dat gebeurt staat open. Sinds mensheugenis worden we hier zo goed mogelijk in bijgestaan; de harde overgang naar leven of dood wordt zo comfortabel mogelijk gemaakt. We hebben zelf geen invloed op onze geboorte, maar de verloskundige zorgt voor een zachte landing. Ook doodgaan hebben we meestal niet in eigen hand. Als door ziekte onze laatste dagen naderen, kunnen we voor palliatieve zorg terecht in een hospice. Leven en dood vormen uitersten van een spectrum, elkaar tegengestelden. Maar hoe zien de mensen dat die hierbij zorg verlenen? Verschillen zij echt zoveel van elkaar of heeft hun werk meer gemeen dan we denken? Hierover volg ik een gesprek de twee gespecialiseerde verpleegkundigen.

Omgaan met emoties

Bij de geboorte van een kind voelen we vreugde. Daarentegen roept de dood verschillende emoties op. Eita heeft dat geaccepteerd: 'Hoe zou je nu tegenover de dood moeten staan? Mijns inziens moet je een bepaalde acceptatie hebben. Anders zou ik dit werk niet kunnen doen. Voor mij is de dood een onderdeel van het leven. Het is heel verdrietig als dat gebeurt bij jonge mensen. De jongste bij ons was zeventien jaar. Maar er zijn natuurlijk ook minder ingrijpende overlijdens. Gister stierf een dame van 96. Dan ben je blij dat ze in rust haar ogen sluit en dat familie op tijd is gewaarschuwd zodat ze er bij kunnen zijn.' Van der Zwan herkent de verdrietige momenten. 'Hoewel wij vooral blijdschap meemaken, kennen wij ook heftige situaties. Zo hebben we vroeggeboortes of kindjes die overlijden tijdens de bevalling. Het is vooral belangrijk dat je hier met je team over praat. Je hebt elkaar daar echt in nodig. Ik kan heftige dingen daardoor goed loslaten. Als ik thuiskom geef ik mijn kinderen een extra knuffel en dan is het ook klaar.' Eita: 'Ik merk dat ik ingrijpende situaties nog wel eens wil overdenken. Het is niet zomaar weg. Je vraagt je altijd af of je alles hebt gedaan wat mogelijk was. Gelukkig krijg ik thuis veel afleiding en op werk bespreken ook wij gelijk de situatie en achterliggende emoties.'
                Naast steun van collega's hebben de verpleegkundigen nog iets waar ze niet zonder kunnen. Van der Zwan: 'De mooie momenten helpen je er doorheen. Zo was er bijvoorbeeld een man van twee meter die zo blij was dat zijn zoontje geboren was dat hij me flink omhelsde. Hij was ook nog eens vrij breed, dus je kunt je voorstellen hoe dat eruit zag. Maar dat is prachtig om mee te maken.' Daaropvolgend benoemt Eita waar zij niet zonder zou kunnen, iets wat Van der Zwan direct beaamt. 'Humor vind ik heel belangrijk. Wij maken grapjes aan het bed van de mensen en zij maken grapjes met ons. Natuurlijk liggen er bij ons allerlei soorten mensen, de een ernstiger ziek dan de ander. Maar er zijn mensen die hun ziekte een beetje op de korrel kunnen nemen en daar ga je gewoon in mee. Zelfs al is het nog zo moeilijk, humor en relativeren zijn erg belangrijk.

Bescheiden opstellen

Een begrip dat zorg zowel tijdens geboorte als sterfte tot een uitdaging maakt is cultuur. Van der Zwan: 'Je ziet dat de geboorte in elke cultuur anders is. Ik maakte verschillende rituelen mee, zoals een amulet van het boze oog in een wiegje ter bescherming tegen het kwaad of het kaalscheren van het hoofdje van de baby. Mensen zijn bepaalde dingen gewend door hun cultuur. En wie zijn wij dan om te zeggen wat goed of fout is?'
                Volgens Eita zorgt cultuur ervoor dat je je bescheiden moet opstellen. 'Niet alleen onze weg is de beste weg om te overlijden. Zeker in het westen zijn we erg op comfort en op het toedienen van medicatie gericht. Arabische culturen zijn hier vaak terughoudend in. Bijna allemaal hebben ze angst voor slaapmiddelen in de laatste levensfase, terwijl wij dat in het westen juist vaak doen om het bewustzijn te verlagen van iemand met veel klachten. Voor sommige collega's is dat frustrerend om te zien, omdat ze voor hun gevoel dan niets voor diegene kunnen betekenen. Maar het gaat erom dat die persoon het zelf zo wil en er op ingesteld is dat de dood met veel pijn gepaard zal gaan.' Van der Zwan ziet een dergelijk cultuurverschil vaak met borstvoeding. 'Wij zijn pro-borstvoeding. Maar bij veel Afrikaanse culturen denken vrouwen al snel dat ze geen borstmelk hebben waardoor ze direct kunstvoeding willen geven. Het klopt dat de borstvoeding bij iedere vrouw op gang moet komen, maar je komt er bij sommige mensen echt niet doorheen dat dat een normaal verschijnsel is. Daar moet je je dan bij neerleggen.'

Een natuurlijk begin en eind

Om een geboorte en een laatste levensfase zo goed mogelijk te laten verlopen verschaffen de verpleegkundigen continu informatie. 'Bij ons begint dat met een geboorteplan', vertelt Van der Zwan. 'Ouders schrijven van te voren op wat hun wensen zijn. Dit geeft een goede indruk van wat hun verwachtingen zijn. Daarmee kunnen wij verwachtingen sturen die irreëel zijn. Ook organiseren we informatieavonden en hebben we een lactatiekundige die helpt bij het geven van borstvoeding.'
                In het hospice wordt er vooraf geen plan gemaakt. 'Vanaf het begin hebben wij voortdurende informatieverschaffing. Er is een opnamegesprek, maar daar komt lang niet alles bij ten sprake. Voor veel mensen is het super confronterend. Die beseffen dat ze op hun laatste plek zijn en hier gaan overlijden.'

'Ik probeer leven toe te voegen aan dagen als er geen dagen meer kunnen worden toegevoegd aan het leven.'

Pijnbestrijding komt in beide werkvelden aan de orde. 'Ons streven is om zo natuurlijk mogelijk te overlijden', vertelt Eita. 'Vooral door de hele euthanasiekwestie merk ik dat mensen vergeten dat je ook in harmonie en vrede kunt gaan. Dat het heel natuurlijk is om iemand steeds wat meer van je af te zien glijden en om zelf steeds wat meer afstand te nemen van diegene. Je houdt er volgens mij een beter rouwproces aan over. De meeste mensen hebben geen wens voor euthanasie, maar hebben de wens om een goede dood te hebben. Ik denk dat goede gesprekken aan het begin die angsten boven tafel krijgen. Wij kunnen dan vertellen wat wij voor ze kunnen betekenen waardoor we een euthanasiewens toch wegnemen.' Van der Zwan ziet hetzelfde terug tijdens de bevalling. 'We stimuleren mensen om het toch op eigen kracht te doen, zonder pijnbestrijding. Er is van alles mogelijk om het de vrouwen zo aangenaam mogelijk te maken. Vooral de ademhaling is belangrijk. Op het moment dat je adem gaat halen vergeet je de pijn. En uiteindelijk: pijn hoort er gewoon bij.' Eita: 'Pijn hoort er inderdaad gewoon bij. Net zoals sterven bij het leven hoort. Ik wil daar wel respect voor hebben.'

De focus ligt op het leven

'Iemand gaat naar een hospice als hij binnen drie maanden komt te overlijden', vertelt Eita. 'Daar moet een specialist voor tekenen. Bij sommige mensen is dat heel moeilijk in schatten. Zo kregen we vanuit het ziekenhuis een vrouw met een verkeerde diagnose. Uiteindelijk gaat het nu steeds beter met haar. Dan kom je in aanraking met leven, maar dat maakt het wel heel moeilijk. We hebben namelijk zorg voor mensen en dringen niet zo zeer aan op mobiliseren. Toch moeten we dat bij deze vrouw langzaam gaan proberen. Ze zit nu het grootste gedeelte van de dag op, en als dit zo blijft is het hospice niet de plek voor haar. Maar als ze overgeplaatst wordt naar een verpleeghuis zul je zien dat ze komt te sterven. Vaak is dat zo'n slag, dan gaat het gewoon mis. Wij proberen onze patiënten optimaal te krijgen. Juist door goede zorg leef je langer en heb je goede dagen en gezelligheid. Er zijn mensen die enorm opknappen als ze in een hospice komen, omdat er voor ze gezorgd wordt.'

Het werk van Eita en Van der Zwan is net zo meeslepend als de geboorte en de dood. 'Ik heb een tijdje op de orthopedie gewerkt. Daar krijgt iemand bijvoorbeeld een nieuwe knie en daarna ben je diegene weer vergeten', vertelt Van der Zwan. 'Maar dit is zo anders. Als iemand een kind krijgt verandert er zoveel voor die persoon.' Eita: 'Ik probeer leven toe te voegen aan dagen als er geen dagen meer kunnen worden toegevoegd aan het leven. Je probeert er iedere dag een feestje van te maken. Desnoods door iedere dag gebakjes uit te delen. De zorg die wij verlenen is op een andere manier intens. Vooral doordat het te maken heeft met het begin en het einde van het leven. Het is mooi om daar bij te helpen te begeleiden.'

Bron: The Optimist