Borstsparende operatie

Bij een borstsparende operatie verwijdert de chirurg de kwaadaardige afwijking met een gedeelte van het omliggende, gezonde borstweefsel. Deze ruime verwijdering is nodig om er zeker van te zijn dat alle kwaadaardige cellen, die zich eventueel al rond het gezwel kunnen bevinden, ook worden verwijderd.

Microscopisch onderzoek van het verwijderde weefsel door de patholoog kan achteraf aantonen of de kwaadaardige afwijking volledig is verwijderd. Soms is de afwijking niet volledig verwijderd en is het noodzakelijk om in een volgende operatie het afwijkende weefsel ruimer weg te nemen. Dat kan dan vaak nog steeds borstsparend, mits er nog voldoende ruimte in de borst aanwezig is. Anders is het nodig om alsnog een amputatie van de borst te doen.

Na een borstsparende operatie volgt altijd bestraling (radiotherapie) van de borst. Deze aanvullende behandeling verkleint het risico op terugkomen van kwaadaardige cellen in de borst.

Contact

Mammapoli 
Locatie Sportlaan

Telefoon(070) 210 6772

image_3006Meer informatie